
Mijn take aways van Uplift Live 2026: de beste tips per spreker
Uplift Live 2026. Een dag vol sprekers die je wakker schudden op het moment dat je dacht dat je het al wel wist en alles al toepaste. Ik was er bij. Mijn hoofd en aantekeningenboekje stroomden bomvol met ideetjes. In geef je hieronder de beste LinkedIn tips per spreker. Praktische dingen die je vandaag kunt doen op LinkedIn.
De rode draad van de hele dag? Menselijkheid. Of het nu ging over DM’s, content, AI of concurrentie, steeds weer bleek dat mensen geen bedrijven volgen. Ze volgen mensen. Echte mensen, met een eigen stem, eigen standpunten en het lef om zichzelf te laten zien.
Dit waren de sprekers met hun onderwerp:
Klik op hun naam om direct naar hun tips te gaan.
- John Espirian – DM’s/direct messaging op LinkedIn
- Tony Restell – How businesses can drive real growth on LinkedIn
- Nicole Osborne – Relatable expert
- Mic Adam & Guy Strijbosch – Cultural differences
- Heather Murray – AI, more input is better output
- Phill Agnew – Consumer psychology and behavioural insight
- Dave Harland – Bonkers beats boring – more personality on LinkedIn
- Brenda Meller – Embracing your competition as the catalyst for growth
De tekeningen zijn van visual artist Andy Gray.
1. John Espirian: Direct Messages zijn immuun voor het algoritme
DM’s zijn de verborgen parel van LinkedIn, omdat ze immuun zijn voor het algoritme. Alles op LinkedIn: je posts, je profiel, je comments, je events, wordt gefilterd. Alles, behalve je DM’s. Wat je stuurt, komt aan. Altijd. En dan is het zaak dat het gelezen wordt en beantwoord.

DM’s zijn niet alleen immuun voor het algoritme, ze versterken het ook. Door het contact met mensen achter de schermen krijgt LinkedIn het signaal dat je meer van deze mensen wilt zien, en zij van jou. LinkedIn laat jouw berichten dan eerder zien aan die mensen. Stuur dus DM’s vóórdat je gaat posten. Zelfs een paar dagen van tevoren, zodat LinkedIn de tijd krijgt hierop te reageren. John stuurt zelf gemiddeld 13 DM’s per dag. Tony Restell adviseert zo’n 50 per maand. Kies je eigen ritme.
DM’s zijn niet voor verkopen. Ze zijn voor het opbouwen van echte contacten achter de schermen. Niet zenden naar je netwerk, maar écht iemand aanspreken. Persoonlijk, oprecht, zonder bijbedoeling. Ach, LinkedIn is een zakelijk netwerk dus iedereen heeft een zakelijke bijbedoeling, maar laat die even op de achtergrond. Niet verkopen dus.
LinkedIn tips voor een goede DM
- Zoek een bijzonder haakje, een reactie op iets wat in het profiel van de ander staat. Kijk eens als voorbeeld op John Espirians profiel, onderaan zijn About, waar weinig mensen kijken. Als iemand daarop inhaakt weet hij dat ze zijn profiel echt hebben bekeken. Iets met pizza en ananas 🍕🍍 :)
- Vraag eens waar iemand je heeft gevonden. Dat levert interessante informatie op. Of vraag waar ze tegenaan lopen in hun vak.

Visual artist: Andy Gray
- Pas je aan aan de stijl van de ander: is iemand kort en bondig, stuur dan geen lange epistels terug. (lastig voor mij haha)
- Ook slim om een keer een spraak- of videobericht te sturen. Dat maakt het contact meteen persoonlijker. Een spraakbericht of videootje zijn simpel om te doen en geven een groot effect. Wel handig om er een korte tekst/trigger bij te zetten over waar de audio of video over gaat. Niet iedereen kan direct kijken of luisteren.
- En als je vaak dezelfde vragen krijgt, neem dan een paar korte video’s vooraf op die je kunt sturen. “Ik krijg deze vraag vaker. In deze video leg ik het je kort uit.” Dat scheelt tijd én het voelt toch persoonlijk.
Tip 1: Stuur een paar dagen vóórdat je een belangrijke post plaatst alvast DM’s naar mensen in je netwerk. Geen pitch, gewoon contact. LinkedIn registreert die activiteit en toont je content eerder aan diezelfde mensen.
Tip 2: Ga naar het profiel van iemand die je wil aanspreken en scroll helemaal naar beneden. Zoek iets opvallends — een detail, een interesse, een quote. Gebruik dat als opening van je DM. Die ene zin laat zien dat je echt gekeken hebt. Dat verschil voel je.
2. Tony Restell: hoe harder je probeert te verkopen, hoe minder je verkoopt
Ook Tony gaf aan dat de DM’s een belangrijke tool zijn op LinkedIn. De content die je post legt de basis voor de gesprekken die daarna komen in de DM, aan de telefoon, aan tafel. Je content opent deuren. Via de DM breng je het contact verder.
Zijn stelling: “The more you try to sell, the fewer sales you’ll make.” Duik in het verkoopproces van je klant. Wat is de kernvraag? Welk resultaat wil je klant over zes maanden bereikt hebben? Maak daar duidelijke afspraken over. Kijk hoe zij nu verkopen en laat daar LinkedIn op aansluiten. Niet een heel nieuwe aanpak naast hun eigen aanpak.

Tip 1: Stuur korte DM’s zonder directe link of aanbod. Niet: “Hier is ons rapport, klik op de link.” Maar vraag het eerst / de ‘permission-based’ benadering. Vraag: “We hebben net een onderzoek afgerond over X, is het relevant als ik je de link stuur?” Dat voelt meer als een gesprek, niet als een pitch en levert meer reacties op.
Tip 2: Plan je een event, een beursbezoek of een zakenreis? Ga dan vooraf door je netwerk en stuur gerichte DM’s aan mensen die er ook zouden kunnen zijn. Niet om te verkopen, maar om een ontmoeting voor te stellen. Daarmee maak je je beursbezoek veel efficiënter en de kans is groot dat mensen jou opzoeken. Je hebt immers al even persoonlijk contact gehad.
3. Nicole Osborne: über polished is über forgettable
Perfect voorbeeld van storytelling: 9 November 1989. De muur viel. Nicole reed als 13-jarig meisje na aarzeling toch met haar moeder naar West-Duitsland in een blauwe Trabant. Doodsbang voor hoe ze ontvangen zouden worden. In plaats van angst en afwijzing werden zij met gejuich ontvangen.
Vergelijkbaar met ons gedrag op LinkedIn. We laten ons tegenhouden door al die stemmetjes. Dus… Let down the LinkedIn Berlin wall of fear.
Want als je een bedrijf hebt, een zakelijk doel, moet je gezien worden. Gezien en onthouden worden. En dan vertrouwen opbouwen. Zodat mensen voor jou kunnen kiezen. Die drie stappen: ‘zien, vertrouwen, kiezen’ vallen of staan met hoe menselijk en herkenbaar je overkomt: jij als the relatable expert.

Relatable expertstatus / thought leadership doe je samen met je team
Haar punt was scherp: über polished is über forgettable. Hoe perfecter je content, hoe minder het blijft hangen. Mensen beslissen niet of je werk goed genoeg is, ze beslissen of jij goed voelt. Vertrouwen is niet meer voor de persoon die het meeste lawaai maakt. Het is voor de persoon die het meest herkenbaar is.
Deel jouw verhalen die laten zien dat je menselijk bent en die je geloofwaardig maken. Niet private maar personal. De kernvraag daarbij: wie mag dit lezen? Ik vind de vergelijking Personality, Not personal ook een heel sterke. Niet je vuile was buitenhangen, maar wel iets meer dan alleen je zakelijke boodschap.

Tip 1: Vraag je netwerk wat jouw “Difference Factor” is. “Iets wat ik beter of anders doe dan anderen? Een zin is genoeg.” Vaak verrassend maar hopelijk bevestigend wat je terugkrijgt.
Tip 2: Beantwoord deze vraag voor jezelf: hoe wil je juist níet overkomen op LinkedIn? Wie is jouw anti-versie? Die helderheid vertelt je meer over je positionering dan een uur nadenken over je doelgroep.
4. Mic Adam & Guy Strijbosch: kennis van cultuur is een concurrentievoordeel op LinkedIn
Mijn LinkedIn collega’s van #TeamBenelux, Mic en Guy stonden dit jaar ook op het podium. Samen :) Ze namen ons mee in de culturele verschillen in de verschillende landen. Met als opener onze stroopwafels 😉
Die culturele context bepaalt ook hoe mensen zich gedragen op LinkedIn. En voor wie internationaal werkt of wil groeien, is het goed je ook op LinkedIn daarin te verdiepen.

Choose your languages
Een vraag die ik zelf ook altijd krijg: “Wij zijn een internationaal bedrijf. Hoe ga ik om met de verschillende talen van onze doelgroep?” Mic woont in het 2-talige België, dus hij heeft er veel mee te maken.
- Mix nooit twee talen in één post. De lezer ziet de tweede taal vaak niet eens en LinkedIn begrijpt ook niet meer tegen wie je het hebt.
- Stel je taalvoorkeur in bij je instellingen.
- Maak je profiel in meerdere talen. Meer talen betekent meer munitie voor de zoekmachine. Een Nederlands profiel en een Engels profiel en welke andere taal, van de 36 talen die LinkedIn kent.
Tip 1. Voeg een audioclip toe van je naam aan je profiel. Dat doe je op je mobiel. 2-3 seconden voor je naam en de resterende 6-7 seconden voor een korte introductie. Klein detail, groot effect. Zo kunnen mensen alvast horen hoe ze je naam moeten uitspreken.
Tip 2: Schrijf altijd in de taal van je doelgroep en kies per post één taal. Wil je internationaal zichtbaar zijn? Maak dan aparte profieltalen aan in je LinkedIn-instellingen. Dat helpt je vindbaar te zijn in meerdere markten zonder dat je feed er onrustig van wordt.

Don’t mix languages / Visual artist: Andy Gray
5. Heather Murray: the more the input, the better the outcome
Heather is duidelijk over wat AI wel en niet kan. De slechte posts die je voorbij ziet komen op je tijdlijn, eindeloze opsommingen, veel witruimte, emoji’s, de herkenbare structuur. Dat is wat AI produceert als je het op zichzelf laat werken. Rubbish in, rubbish out. En de meeste mensen nemen niet de tijd om goede input te geven.
Maar AI kán werken. Als jij de input levert. Heather liet live zien hoe ze een AI-assistent trainde met haar eigen input en op haar eigen stem: haar woorden, haar mening, haar voorbeelden van goede content, haar stijl. De post die eruit kwam klonk als haar, niet als een generieke chatbot.
Fijn dat de rode draad van de hele dag was menselijkheid. Had niet anders verwacht. Dat geldt ook voor hoe je AI inzet. Voed het met wie jij bent: jouw standpunten, jouw tone of voice, jouw doelgroep. Maar ook de woorden die je wél gebruikt en de woorden die je echt nooit gebruikt en voorbeelden van posts die jij goed vindt. Vertel het alsof je een menselijke copywriter instrueert. Hoe meer je erin stopt, hoe betere content er uitkomt.

Maak een agent/een project in Claude (volgens Heather de beste voor contentcreatie), waar je al je bestanden en instructies in uploadt. Dan hoef je dat niet elke keer opnieuw te doen.
Als je AI traint op jouw manier van denken en communiceren, wordt het een verlengstuk van jou, geen vervanging. Heather noemde hierbij haar favoriete taakverdeling:
- gebruik Perplexity als je snel iets wilt opzoeken — real-time, met bronnen, de directe concurrent van Google.
- en Claude als je content wilt schrijven die klinkt als jij.
Tip 1: Steek tijd in het verzamelen van alle input die bij jou past. Plan een dag of aantal dagdelen om alles te verzamelen voor AI en deze basis te leggen.
Tip 2: Laat AI je interviewen in plaats van zelf een prompt te schrijven. Geef een onderwerp of een stelling en vraag: “Stel me drie vragen zodat je mijn mening op dit onderwerp begrijpt.” Beantwoord die vragen, eventueel via een spraakbericht. De antwoorden worden de basis voor content die klinkt zoals jij.
Nog helemaal niet bezig met AI? Met deze blog over ChatGPT help ik je op weg.
6. Phill Agnew: zo werkt gedragspsychologie op LinkedIn 2026
Phill bepaalt elke maand zijn “100 Small Bets”: kleine en grote uitdagingen. Durf te experimenteren. Zeg ja tegen kansen. Dat zorgt voor groei.
Hij gaf een aantal inzichten uit gedragspsychologie waarbij er voor mij 2 uitsprongen:
- Costly signaling: als je ergens zichtbaar moeite voor doet, wordt wat je levert als waardevoller ervaren.
Het woord “costly” slaat niet op geld, maar op inspanning. Je geeft een signaal dat iets je iets heeft gekost: tijd, aandacht, energie. En mensen hechten daar onbewust meer waarde aan dan aan iets wat duidelijk met één druk op de knop is gemaakt.
Phill gaf het voorbeeld van een podcastuitnodiging. Een standaard mailtje: “Hoi, wil je in mijn podcast?” Niemand reageert. Maar als je laat zien dat je de LinkedIn-posts van die persoon hebt gelezen, een specifieke quote eruit haalt, uitlegt waarom juist dát je raakt, dan voelt de ontvanger: deze persoon heeft tijd in mij geïnvesteerd. Hij is niet podcastgasten aan het binnenharken.
Dat is ook waarom AI-content vaak niet werkt: het is duidelijk zichtbaar. Geen moeite gedaan. Geen costly signal. En dat voelen mensen.
- Reactance Theory: je bent vrij om nee te zeggen.
Als mensen het gevoel hebben dat hun vrijheid wordt beperkt, verzetten ze zich. Ze doen dan juist het tegenovergestelde van wat je vraagt. Die LinkedIn connectieverzoeken met direct een aanbod. Dat roept weerstand op. Je voelt je in een hoek gedrongen en haakt af.
Door expliciet te zeggen “maar je bent natuurlijk vrij om nee te zeggen”, of een variant daarop, ‘geef je de vrijheid terug’. Het klinkt tegenstrijdig, maar mensen zeggen vaker ja als ze weten dat nee ook echt een optie is.
Tip 1: Neem elke maand één kleine creatieve bet op LinkedIn. Een format dat je nog nooit hebt geprobeerd, een onderwerp dat je spannend vindt om te delen, een post die net iets verder gaat dan je comfortzone. De meeste bets leveren weinig op. Maar één bet kan alles veranderen.
Tip 2: Laat zien hoe jij de dingen in je werk aanpakt en voor wie je gewerkt hebt. Je klant realiseert zich vaak niet wat er allemaal bij komt kijken. Dit raakt een aantal effecten uit de gedragspsychologie. Het is niet opscheppen, het is context creëren zodat je klant jou op waarde kan schatten.
7. Dave Harland: saai is een keuze & schrijf zoals je praat
Dave was de meest uitgesproken stem van de dag. Meest gelachen tijdens zijn keynote. Humor is zijn ding. Zijn data: meer dan driekwart van de mensen koopt eerder van iemand die humor gebruikt. Negen op de tien onthoudt grappige advertenties. En toch zegt 95% van de zakelijke leiders dat ze bang zijn voor humor.
Dat verklaart waarom zoveel LinkedIn-content er hetzelfde uitziet. Iedereen is bang om uit de toon te vallen. Maar het is precies die angst die je onzichtbaar maakt. Net zoals Nicole eerder aangaf.
Dave’s aanpak: schrijf zoals je praat. Gebruik je eigen dialect, je eigen woorden, je eigen humor. Hij begint geen e-mail met “Hi”. Hij zegt “Hiya”, zoals in Liverpool. Niet omdat het professioneler klinkt, maar omdat het echt is. En echt zijn, is wat mensen onthouden.

Zijn lijst met woorden die écht niet meer mogen is vergelijkbaar met het Nederlandse lijstje met jeukwoorden. Als je ze niet gebruikt in een gewoon gesprek, gebruik ze dan ook niet op LinkedIn. Het buzz-word van de dag was Dave’s favoriet: Bumhole. Natuurlijk werd dat flink gedeeld op LinkedIn. Opvallend, trigger, humor, toch?

Daves favoriete woord Bumhole, flink gedeeld op LinkedIn
En dan zijn we weer op de rode draad van de dag: mensen verbinden zich niet met logo’s of functies. Ze verbinden zich met iemand die zichzelf laat zien. Dat is je grootste onderscheid.
Bonkers beats boring
Tip 1: Maak je eigen lijst van woorden die jij wél gebruikt en woorden die je nooit gebruikt. Geef die lijst mee aan AI als je content laat genereren. En gebruik die lijst ook als filter als je je eigen teksten naleest.
Tip 2: Show, don’t tell. Laat in je content zien wat je doet en waar je voor staat. Geef invulling aan containerbegrippen: vertel over een concrete situatie, een gesprek, een foto die laat zien hoe jij werkt.
8. Brenda Meller: omarm je concurrentie, er is genoeg (pie) voor iedereen
Brenda sloot de dag af met een concept dat voor veel mensen even wennen is: co-opetitie. Niet concurreren, maar samenwerken mét je concurrenten; je concullega’s. Reageer op hun posts. Deel hun content als het goed is. Stuur een compliment. Verwijs naar hen als iemand anders beter past.
Social media karma: doe goed en het komt terug. Praktisch voorbeeld: je moet eerst geld op een bankrekening zetten voordat je kunt opnemen. Als je alleen maar pint zonder ooit iets te storten, kom je op rood te staan.
Zo mooi hoe wij een LinkedIn Hub hebben opgebouwd. Een groepje LinkedIn trainers die 2-3 keer per jaar samenkomt om te sparren over de ontwikkelingen op LInkedIn en de klantvragen waar we mee te maken hebben. En … waarmee we elk jaar naar Uplift Live gaan als #TeamBenelux. Ieder heeft zijn eigen specialiteit. Maar in de basis staan we hetzelfde in het gebruik van LinkedIn. Meer collega’s dan concullega’s.

#TeamBenelux in Birmingham. Samen leren, sparren, inspireren en een hoop lol
Taarten zijn Brenda’s ding. Haar branding. Zo hanteert ze als basis voor succes op LinkedIn haar PIE-framework:
- P voor Profiel: zorg dat het up-to-date en gericht is op je doelgroep.
- I voor Invitation strategy: stuur een persoonlijk berichtje bij je connectieverzoek en volg altijd op.
- E voor Engage: reageer op posts van anderen én post zelf minimaal wekelijks.
En dat laatste wil ik onderstrepen: reageren is het nieuwe posten. Een goede, doordachte comment op de post van iemand anders geeft je net zoveel als of meer zichtbaarheid dan een eigen post. En het is vaak makkelijker te reageren op een ander dan helemaal zelf een post te maken. Zeker voor medewerkers in je bedrijf.
Tip 1: Volg drie mensen in jouw vakgebied die je normaal ziet als concurrent. Reageer de komende maand oprecht op hun posts. Kijk wat er gebeurt. De kans is groot dat je er een interessante uitwisseling aan overhoudt en misschien zelfs een samenwerking.
Tip 2: Behandel je LinkedIn-aanwezigheid als een bankrekening. Geef eerst. Deel je kennis, geef reacties, complimenten en doorverwijzingen. De opbrengst volgt later, en bijna altijd als je niet had verwacht.
De rode draad: menselijkheid wint
Negen sprekers, acht thema’s — maar steeds dezelfde kern. DM’s werken omdat ze persoonlijk zijn. Content werkt als het klinkt als jij. AI werkt als je het voedt met jouw stem. Humor werkt omdat het menselijk is. Co-opetitie werkt omdat generositeit vertrouwen bouwt.
LinkedIn is geen platform voor mooie plaatjes en gladde teksten. Ja die zijn er genoeg, maar het is ook een mooie podium voor jou. De plek waar jouw zakelijke relaties beginnen, als je durft te laten zien wie je bent.
Zichtbaar zonder te schreeuwen?
Dat is precies waar ik marketeers en organisaties mee help: over die drempel van niet-actieve collega’s naar echte LinkedIn-ambassadeurs. Niet als eenmalig project, maar als onderdeel van de dagelijkse routine.
Wil jij weten wat dat voor jouw team kan betekenen? Je hebt het gelezen hierboven 😉 Stuur mij vandaag op LinkedIn een DM met jouw vraag.